Weekendje Weg.

W

Terwijl manlief op rechts uiterst snoezig ligt te slapen, heeft de kleine muis de strijd tegen zijn vermoeidheid ook verloren en is, al was het onder luid protest, gaan snurken op mijn borst. Ik gebruik de pakweg twee uurtjes niet om ook wat uurtjes slaap te pakken, maar ik overpeins in plaats daarvan de afgelopen 48 uur. In de twee dagen die gepasseerd zijn, waren we namelijk een weekendje weg. Familie-uitje. Al is dat met onze verwaaide en afgeknipte stamboom beperkt tot mijn lief en ons kind, mijn moeder en haar vriend en mijn broertje en zijn vriendinnetje. Een klein genoeg gezelschap om de boel overzichtelijk en onder controle te houden, zou je denken.

Zou. Je. Denken. Dat dacht ik ook vrijwel anderhalve seconde, voordat onze auto ongeveer bezweek onder het gewicht van de koffers, tassen en andere meuk die we er eigenhandig ingesleept hadden voor ons driedaagse uitje. Ik denk dat de buren dachten dat we twee maanden gingen overwinteren in de Alpen. Maar goed, je weet maar nooit, wellicht zou het ineens 25 graden worden, dan heb je dat ene hemd toch écht nodig. Om nog maar te zwijgen over de uitzet van Het Kind: van bekers, tot boekjes, tot tien extra rompers en zelfs zijn speelgoedauto moest mee. Als de wereld vergaat zitten wij in ieder geval goed. De komende twintig spuitluiers althans.

In basis vinden wij ons mannetje met zijn anderhalf jaar best goed gelukt. Hij is lief, netjes en luistert de meeste uren van de dag redelijk tot goed. Maar het lijkt net alsof ie bij het betreden van het vakantiehuisje, hier noemen ze het Beach House, zo’n beetje alles wat we ‘m hebben aangeleerd vergeten is. Miemelen, krijsen, zeuren, het hele palet. Ik bedenk me ineens dat het enige wat ik niet heb ingepakt het pincet is, net nu ik mijn wenkbrauwharen één voor één uit mijn hoofd wil trekken van ellende.

Het is natuurlijk ook superverleidelijk, dat als je je zin niet krijgt bij papa 1 en ook bij papa 2 bot vangt, er ineens nog een hele rits andere mensen is om voedsel te vragen, of om je op te laten tillen terwijl er helemaal niets aan de hand is. En dan heb ik het nog niet eens over het rustig en lief gaan slapen; daar is onze muis een held in. Als er kampioenschappen in slaap vallen zouden zijn, sleepte hij ongetwijfeld elke keer de Gouden Medaille in de wacht. Behalve dit weekend, nu doet ie vooral zijn best om het bloed onder zijn vaders nagels vandaan te halen door het op een schreeuwen te zetten als het bedtijd is.

Overigens snap ik dat best, want het communicatieniveau van de overige vakantiegangers ligt zo hoog, dat zelfs een gemiddelde comapatiënt spontaan zou ontwaken van het lawaai. Uitleggen aan mensen zonder kinderen wat het betekent om een beetje zachtjes te doen, is net zo’n zinloze missie als aan Geert Wilders duidelijk maken dat niet iedereen met een kleurtje een dief is. Onbegonnen werk.

Maar gelukkig is er tegen elke factor van irritatie ook een prachtig moment weg te strepen. Dat onze kleine muis enthousiast een volle kamer binnen komt lopen en sinds dit weekend steeds luidkeels ‘Hallooo’ roept. Onbetaalbaar. Of hoe hij cute as hell met mijn moeder over het strand rijdt in zijn bolderkar en hij zijn oma daarmee de gelukkigste vrouw op aarde maakt. Dan ben ik trots. Trots op die kleine man van ons, maar ook op elkaar. Dat we ondanks onze drukke levens de tijd nemen om bij elkaar te komen.

Een weekendje weg zoals een weekendje weg vroeger is er voor mij gewoon niet meer bij. Vroeger kwam ik van zo’n paar daagjes strand nog wel tot rust. Nu is het dankzij het mini-mensje vooral een uitputtingsslag. Maar hé, dat is het elke doordeweekse dag ook al. En die kleine man van ons vindt het fantastisch om de hele dag in het middelpunt van de belangstelling te staan. Als een ware celeb staat iedereen het hele weekend voor hem klaar. De papa’s zijn ietsje minder belangrijk deze dagen, maar dat maakt niet uit, die zijn er maandag wel weer.

Deze column verscheen ook online bij Fabulous Mama & Family op 07-03-2016.

Plaats reactie

De Archiefkast