Vaderdag.

V

Wanneer voel je je voor het eerst echt vader? Praktisch weet ik het van mezelf nog enorm goed: vlak na de geboorte van Stach mocht ik hem zijn kleertjes aantrekken, die we maanden daarvoor speciaal hadden uitgezocht als zijn eerste outfitje. Een bizarre ervaring om mee te maken, vooral omdat dat setje binnen no-time vol spuug alweer in de wasmand geponeerd moest worden. Er zouden nog vele kledingstukken volgen. Maar goed, dat was bij nader inzien het makkelijke gedeelte, want daarna begon het feest pas echt. En wanneer voelde ik me dan voor het eerst gevoelsmatig ook echt vader? Eerlijk: ik zal het je laten weten als het zo ver is.

Want er zijn enorm veel dingen waarvan ik vol trots kan zeggen dat ik er in uitblink. Mijn werk, het in huis halen van de boodschappen en de vrolijke gezelligerd uithangen tijdens sociale gelegenheden bijvoorbeeld. Maar het vaderschap, dat behoort overduidelijk niet tot de kwaliteiten waar ik een natuurlijke aanleg voor heb. Zelfs niet bij het enorme wondertje dat onze zoon uiteindelijk toch is. En dat komt door mijn gebrek aan één belangrijke eigenschap: empathie.

Soms kan ik me bijvoorbeeld enorm aan Stach irriteren als ie onderweg naar school valt met zijn fiets. Geen warme knuffel of troostende woorden, maar een “sta op, we hebben haast” kan ie dan van me krijgen. Of als ik aan tafel de krant zit te lezen en hij vol trots komt vertellen over een kikkertje die ie heeft gevangen bij de sloot, kan er bij mij nog net een magere “wauw aapje”, vanaf. Meestal zonder op te kijken. En als ie me in de ochtend wil helpen zit hij me soms zó enorm in de weg, dat ik hem simpelweg niet in de buurt wil hebben. Zonder reden, zonder aanleiding, gewoon omdat ík dat zo voel en ervaar. Dat is wel zo’n beetje het sleutelwoord op dat soort momenten: ikke. En de rest… je snapt het vast wel.

Gelukkig wéét ik nu wat er met me aan de hand is en hangt de vlag er anno 2020 door hard werken al totáál anders bij dan drie Vaderdagen geleden. Ik probeer oprechte aandacht voor Het Kind te hebben, ik breng meer tijd met hem door en ik blokkeer delen van mijn dagen voor ‘m, waarbij ik dan honderd procent aandacht voor ‘m heb. En het belangrijkste: ik behandel hem als mijn gelijke. Natuurlijk ben ik de volwassene en breng ik hem dingen bij en probeer een goed mens van hem te maken, maar ik wil geen macht op hem uitoefenen. Hij is een fantastisch, lief en blij mannetje, ik ben de laatste die hem daarin wil belemmeren of wil verpesten door mijn eigen issues voorrang te geven op de opvoeding. Dat gaat met enorm veel vallen en nog meer opstaan, maar het gáát tenminste. En niet in de laatste plaats omdat ik het perfecte papa-voorbeeld dagelijks aan mijn zijde heb.

Ik zou het vaderschap graag meer als een missie zien, in plaats van een moetje.

Want onze zoon heeft nóg een vader. Een hele lieve en zorgzame papa. Mijn geliefde luistert oprecht naar de verhalen van ons kind, doet zijn taal- en rekenoefeningen met hem en laat hem volledig in zijn waarde als eigen persoontje. Voor mij soms pijnlijk om te zien hoe natuurlijk het vaderschap hem afgaat, terwijl ik er me er regelmatig schoorvoetend doorheen probeer te slaan. Maar het is vooral heel inspirerend om ze samen te kunnen aanschouwen. De liefde spettert er vanaf en ik probeer daar wanhopig dan een beetje van op te vangen. Dat lukt steeds beter en met mijn humor en avontuurlijke persoonlijkheid vormen we eigenlijk een prima balans met elkaar. Maar ik zou het vaderschap graag meer als een missie zien, in plaats van een moetje. Gelukkig heb ik goede hoop.

Steeds vaker zie ik namelijk in hoe fucking lucky ik ben met mijn gezin. Ik ben een beter mens met man en kind om me heen, ik zorg beter voor mezelf en eerlijk: ze zijn soms de enige redenen om uit bed te komen in de ochtend. Stach heeft twee papa’s die meer van hem houden dan wat of wie dan ook, bij de ene gaat het allemaal simpelweg wat natuurlijker dan bij de andere. Ik benader het gewoon zo positief mogelijk: over tien jaar viert ie zijn zestiende verjaardag, tegen die tijd heb ik mijn persoonlijke shit vast wel op orde. En zo niet, dan ga ik gewoon zijn eerste biertje met hem drinken, die vaders moeten er namelijk óók zijn.

 

Illustratie: Studio Zaterdag

2 reacties

De Archiefkast