Telefobie.

T

Iedere maandag komen ze trouw binnen: de cijfers over de gemiddelde schermtijd die ik doorbreng op en met m’n iPhone. De nieuwste aantallen zijn schrikbarend hoog: ruim vier uur per dag zit ik met mijn neus (en volledige aandacht) in dat kleine schermpje gepropt. Zo’n 150 keer in een etmaal til ik het apparaat op omdat er ruim 400 meldingen verschijnen op dagelijkse basis. Instagram staat met afstand bovenaan qua appgebruik, gevolgd door Chrome en WhatsApp. Maar het goede nieuws (en tevens vrij trieste conclusie) is dat deze cijfers een daling van maar liefst 68 procent vergeleken met vorige week behelst. Dat geeft toch mooi aan dat mijn nieuwe tactiek en visie z’n vruchten afwerpt: het leven níet langer laten beheersen door die verdomde telefoon. Dát heeft namelijk twintig jaar te lang geduurd vond de ouder (en hopelijk wijzer) wordende Eric spontaan.

‘Stoor ik?’ is vrijwel altijd het eerste wat je hoort aan de andere kant van de lijn. Eh ja, want sinds de opkomst van de Pocketline Swing en de ontwikkeling naar de smartphone is verveling hardhandig de nek omgedraaid.

Eigenlijk heb ik al zo lang ik me kan herinneren een vrij getroebleerde relatie met het communicatiemiddel. Terwijl mijn vrienden in de jaren negentig echt úren in zo’n ouderwetse PTT-telefoon met grijs krulsnoer konden kleppen, schreef ik toen al liever briefjes. Dat werd later e-mail, sms en helemaal te gek: MSN Messenger. Zo weinig mogelijk daadwerkelijk praten en alles op je eigen tempo in tekst versturen. Een lichte telefoonfobie dus, telefobie. Niet dat ik bellen eng vind, maar het is voor mij wél een enorme uiting van mijn verlegen en sociale onhandigheid. Want moeiteloos oeverloos ratelen en kletsen kan ik face-to-face al nauwelijks, ik kan me daar tenminste dan wél gedegen op voorbereiden. Die telefoon in je jas- of broekzak heeft stiekem ultiem veel macht: hij kan je ieder moment van de dag ongevraagd een gesprek in slepen. ‘Stoor ik?’ is vrijwel altijd het eerste wat je hoort aan de andere kant van de lijn. Eh ja, want sinds de opkomst van de Pocketline Swing en de ontwikkeling naar de smartphone is verveling hardhandig de nek omgedraaid. Die groene telefooncellen uit het stenen tijdperk waren wat dat betreft helemaal zo slecht nog niet als je het mij vraagt. Behalve tijdens autopech wellicht.

Aangezien ik niet de kracht bezit om meerdere dingen tegelijk te doen, gaat die schermtijd altijd ten koste van iets. Aandacht voor mijn gezin, klusjes opknappen in huis, sporten of simpelweg écht ontspannen.

De moderne samenleving waarbij we ons tegenwoordig helemaal suf appen en mailen is totáál aan mij besteed dus. Het verplichte ‘hoe is het met je?’-riedeltje kan je daarmee overslaan en gewoon snel tot de kern van de vraag komen. Love it. Maar ja, al snel komt dan het volgende euvel bovendrijven: die smartphone waarmee je korte berichtjes stuurt, een route plant of wat boodschappen in noteert, opent óók vierentwintig uur per dag onophoudelijk een stroom aan informatie met de wereld. Die voor mensen zoals ik -toch bang om iets te missen- uiteindelijk de dag laten bepalen. Daar wilde ik vanaf. Aangezien ik niet de kracht bezit om meerdere dingen tegelijk te doen, gaat die schermtijd altijd ten koste van iets. Aandacht voor mijn gezin, klusjes opknappen in huis, sporten of simpelweg écht ontspannen. Het liefst schafte ik daarom gewoon weer een Nokia 3310 aan, maar ik heb het íets minder drastisch proberen op te lossen. Of nou ja, in die beweging begeef ik me.

Als een vervroegde voorjaarsschoonmaak op mijn iPhone, zo zie ik dit ingewikkelde proces een beetje. Weg met die tientallen nieuws apps inclusief bijbehorende en oneindige pushberichten. Van zo’n beetje alle social media apps (behalve Instagram, de ergste weet ik, maar lukt nog even niet) heb ik inmiddels afscheid genomen en Netflix, Videoland en YouTube hebben tegenwoordig alleen nog maar een plekje op mijn laptop of televisie. Alle apps die ik nodig heb om zowel zakelijk als sociaal gezien enigszins te functioneren zijn er nog, al heb ik daar wél de zero-notifications-policy bij ingevoerd. Berichten van manlief komen bijvoorbeeld nog door, maar alle andere oppoppende stoorzenders behoren tot het verleden. Geen talloze berichten van eindeloze groepsapps meer en mijn e-mail verstuur ik alleen nog maar via de computer. Ook de agenda is z’n digitale editie kwijtgeraakt en klieder ik weer lekker ouderwets in een papieren versie vol. Met als resultaat dat die smartphone een behoorlijk saai ding geworden is, die ik eigenlijk alleen nog maar oppak tijdens afgesproken (werk)tijden en als ik een handigheidje ervan nodig heb (calculator, Maps, notities). Er gaat oprecht opnieuw een niet-digitale wereld voor me open.

In de avonden geldt voor de smartphone bij mij eigenlijk hetzelfde als met eten: na acht uur in principe een no-go. Tenzij de honger écht onverdraaglijk dreigt te worden.

Is het echt zo makkelijk? Nee, natuurlijk niet. Ik ben allesbehalve heilig en ik glijd regelmatig terug in mijn oude gewoontes. Maar ik probeer zoveel mogelijk dingen uit en sleep het verslavende ding simpelweg niet meer non-stop met me rond. De telefoon gaat níet mee naar bed en pak ik pas weer op als Het Kind de volgende ochtend naar school is gebracht. Koken doe ik hooguit met een muziekje aan, maar zónder ‘nog even een stukje van die ene serie te kijken’, waardoor het sociaal en gezellige element van het kokkerellen is teruggekeerd. En in de avonden geldt voor de smartphone bij mij eigenlijk hetzelfde als met eten: na acht uur in principe een no-go. Tenzij de honger écht onverdraaglijk dreigt te worden. Gesprekken voeren met de echtgenoot, de krant eens fatsoenlijk lezen of tijd nemen om een bijzonder recept te zoeken in één van de vele kookboeken die al jaren staan te verstoffen. Dat soort dingen doe ik nu. Alsof ik in één klap een saaie man van middelbare leeftijd ben geworden. Dat is misschien ergens ook wel een beetje zo, maar wél eentje met een stuk meer rust in zijn nog steeds warrige en ongeorganiseerde hoofd.

Illustraties: Studio Zaterdag

4 reacties

Laat een reactie achter aan Sonja Annuleer reactie

Sjieke Spam

Een vorstelijke behandeling krijgen als lezer? Dat kan! Schrijf je in en ontvang direct een mailtje als een nieuwe column het levenslicht heeft gezien...

Koninklijk Archief