Nieuwe Bed.

N

Dat het vervoeren in het autostoeltje tegenwoordig eerder op een ontvoering dan een gezellig ritje lijkt, heb ik weten te accepteren. Dat er meer potloodstrepen op de vloer en de muur zitten dan op een gemiddeld vel papier, eveneens. Dat het in de wasmachine zitten van Het Kind z’n favoriete brandweerpyjama tot nationale ramp verheven kan worden, kan ik ergens begrijpen. Dat ik hele dagen tot tien aan het tellen ben om mijn geduld niet compleet te verliezen, tsja, dat behoort nu simpelweg tot mijn takenpakket. Luiers verschonen was al nooit mijn favoriete hobby, maar nooit gedacht dat het een Olympische sport zou worden: tot nu, prima. Maar dat we het prachtige, groene ledikantje, dat we zo zorgvuldig uitgezocht hadden toen zoonlief er nog niets eens was, gedag moeten zeggen: dat is écht erg.

Afscheid nemen van het bedje waar hij zijn eerste nacht in geslapen heeft. En alle zevenhonderd en nog wat nachtjes die er op volgden. Waar z’n eerste spuugvlekken op zaten. Waar hij de laatste maanden blij en enthousiast op stond te springen, maar nog nergens naartoe kon rennen. Goede tijden. Maar ja, het was tijd. De hoogste tijd. Want het bedje paste niet meer bij het grote kind dat er elke nacht in dient te slapen. Maar ik heb gehuild vanaf het eerste schroefje dat uit het ledikantje ging tot de laatste versiering die we op zijn nieuwe bed maakten. Alsof we na één ochtendje klussen onze baby officieel kwijt waren.

Oké, mijn gevoel voor drama is inderdaad goed ontwikkeld. Het eerste wat de kleine muis zei bij binnenkomst van zijn kamertje was: ‘Mooie bed’. Logisch ook, want niet alleen kan-ie zich nu in werkelijk elke bocht wringen die hij maar wil, zijn knuffels vormen nu ook geen enkele belemmering meer. Plus zijn papa’s kunnen zich nu naast zijn bedje neerplanten en het voorlezen net zo lang laten duren tot we mentaal afscheid kunnen nemen van weer een dagje dat veel te snel voorbij ging (dat duurt bij mij eerlijk gezegd minstens vier keer het boekje Muis en de Graafmachine).

Maar het allerleukste van alles, is dat de kleine nu zélf uit zijn bedje kan kruipen als ie eng gedroomd heeft, vroeg wakker is, of gewoon eventjes bij zijn vaders in bed wil kruipen. Heerlijk zo’n wormpje dat zich op een onchristelijk tijdstip tegen je lichaam manoeuvreert. Zoals afgelopen weekend veelvuldig. Wat mij betreft mag het elk weekend wel wintertijd worden, de klok een uur achteruit gezet worden. Ik ben dat oude, saaie gevangenisbedje namelijk nu al vergeten.

Plaats reactie

De Archiefkast