Kind van de Rekening.

K

Er zijn echt heel veel dingen leuk aan het hebben van een kind. Echt heel veel. Het is een verrijking van je leven, het is nu écht veel beter dan vroeger. Af en toe moet je dat gewoon hardop tegen jezelf zeggen om het nog te geloven. Als je bijvoorbeeld op de wc zit en je kind keihard op de deur aan het bonken is, terwijl je zou denken dat ie genoeg heeft aan de overige 56 minuten aandacht in het uur, nee hoor, die vier moeten er ook nog bij. Of als je na een gigantisch drukke werkdag, inclusief bijbehorende borrel, toch nog zo’n vijf uur slaap denkt te kunnen pakken, maar je kleine wonder net die nacht uitkiest om te gaan spoken. Tuurlijk, je doet alsof je de beste ouder aller tijden bent, maar eigenlijk wil je gewoon dood. Voor eventjes dan, tot je die stevige knuffel krijgt en alles weer goed is in de wereld.

De bankrekening, die is misschien wel het grootste slachtoffer geworden van de komst van onze zoon. Want geld overhouden aan het einde van de maand, dat was nooit ons sterkste punt. Net als sparen; ik leef liever van dag tot dag. Maar ik vraag me sinds anderhalf jaar wel af waar we in hemelsnaam dat geld allemaal aan uitgaven? Als ik nu aan het einde van de maand eens ga terugkijken waar het budget aan opgegaan is, kom ik tot de schrikbarende conclusie dat er toch minstens zo’n zeventig procent in het kind gepompt is. Luiers, doekjes, shampoo, pap, dat is allemaal logisch. Maar ook dat schattige maar veel te dure boekje, dat superleuke bezempje of die vreselijk hippe jas, waar toch binnen no-time niet te wassen vlekken op zullen zitten. Een bodemloze put, dat is het. Maar wel eentje die kan kirren van blijdschap, dat is toch anders.

Het is wel echt de moeite waard, dat steken van talloze euro’s in dat dure houten speelgoed en die belachelijk geprijsde kleding, want ja, sommige speeltjes van onze zoon zijn al gewoon helemaal versleten, zó vaak gebruikt ie ze. Het is niet alsof hij onder de douche het meest enthousiast raakt van een lege fles shampoo of dat ie uren zoet kan zijn met een rondvliegende lege zak chips in de tuin. Dat zou toch mooi zijn, hè? O wacht, zo is het dus wel. Niets kan die kleine muis namelijk blijer maken dan troep. Prut. Viezigheid. Wat dan ook. Zo lang het maar gratis is. En toch blijven we met z’n allen het ene na het andere door de maatschappij opgelegde prulletje in ons winkelmandje flikkeren. Omdat het kan, maar niet omdat het hoeft. Want terwijl ik zit te schrijven, is onze zoon al twintig minuten hysterisch in de weer met de Rabo Scanner waar ik zojuist mijn rekening mee heb gecheckt. En daarvoor was hij serieus een half uur vermakelijk aan het bestuderen hoe een trapper van de fiets nou eigenlijk om zijn eigen as kan draaien. Dus.

Dat roer gaat om. Minder zooi, meer genieten van elkaar. En dat geld wat we daarmee niet uitgeven, kan lekker op zijn spaarrekening voor later. Zodat ie het mooi zélf over de balk kan smijten. Of ik tik er gewoon een prachtig paar nieuwe schoenen voor mezelf van op de kop, want de laatste keer dat ik iets voor mezelf kocht ligt toch ook echt alweer anderhalf jaar achter me.

Deze column verscheen ook online bij Fabulous Mama & Family op 18-04-2016.

Plaats reactie

De Archiefkast