Jachtseizoen.

J

Steeds vaker flitsen ze voorbij op streamingdiensten zoals Netflix en Videoland: de zogenaamde trigger warnings. Ook veel websites en social mediakanalen bieden tegenwoordig de waarschuwing dat er ‘iets’ aan zit te komen dat wellicht een onaangename en ongewenste reactie bij je oproept, het triggeren dus. Als je daar eventjes geen zin in hebt, moet je overduidelijk iets anders gaan doen. Ik vind het een onzinnige ontwikkeling en écht iets voor de millennials, al zou ik in het dagelijks leven wel zo’n kennisgeving kunnen gebruiken. Non-fictief zeg maar.

Gek woord eigenlijk, dat trigger. Maar wel enorm fijn, want het zegt alles. Het is de trekker van een geweer, de ontsteking die de explosie in gang zet bij een bom en ook nog het systeempje waardoor een muizenval dichtklapt. En dan heb je nog de psychologische trigger die ál deze definities bij elkaar brengt: het opwekken van een bepaald gedrag of gevoel. En zal je net zien, het zijn altíj́d de intense en nare emoties uit ‘t verleden die je emmertje laten overlopen. Zo’n populaire aankondiging als op het web krijg je echter niet, het is secondewerk en alles is anders daarna.

‘Ik moet helemaal niks!!!’, hoor ik mezelf schreeuwen als mijn liefje redelijk vriendelijk om een ander zakje vraagt in plaats van de klassieke Groene Thee.

Dat is misschien wel het meest vervelende aan dat verdomde triggeren: ik heb geen flauw idee wanneer dat fictieve konijntje opduikt uit ‘t hoge gras en ik mijn geweer in de aanslag moet houden om er zo snel mogelijk een einde aan te maken. Zo komt het regelmatig voor dat de meest simpele situaties bij ons thuis volledig uit de hand kunnen lopen. Vaak hebben ze iets met mijn extreme wens om grenzen te stellen te maken. Iedere zin die ‘jij moet dit of dat doen’ bevat is honderd procent garantie om mij in een buitenproportionele staat van zijn te doen geraken. In één klap transporteer ik van een -op papier- volwassen man naar dat kleine kind van vroeger: ‘Ik moet helemaal niks!!!’, hoor ik mezelf bijvoorbeeld schreeuwen als mijn liefje redelijk vriendelijk om een ander zakje vraagt in plaats van de klassieke Groene Thee. Of als ons wondertje me ‘s morgens vroeg vraagt: ‘Papaaaaa, wil je even met me samen spelen?’ en ik met m’n kaken stijf op elkaar en de stoom uit mijn oren werkelijk ál mijn wilskracht moet inzetten om níet keihard ‘Laat me godverdomme toch één keer met rust‘, door de keuken te laten schallen. Het betekent in beide situaties niets anders dan goede bedoelingen en liefde, maar alles wat ik voel is walging en extreme woede. Mijn onderbewustzijn herkent die signalen blijkbaar van destijds -toen ik nogal een eenzame Eric was te midden van een bloederige vechtscheiding-  en gaat direct in standje oorlog. Alles moet kapot. En wel meteen.

Enerzijds maak ik er met mijn botte beledigingen en soort wedstrijdje van welk gezinslid er als eerste genoeg van me heeft en me de deur wijst, aan de andere kant leg ik de schuld óók net zo gemakkelijk buiten mezelf. De echtgenoot en zoonlief zijn onmogelijk om mee te leven en moeten veranderen denk ik dan, terwijl het besef dat ík de schutter ben inmiddels allang is ingedaald. Ik zie en weet dat mijn extreem heftige emoties en uitbarstingen álles zeggen over mijn verleden en niets over de tegenwoordige tijd, maar toch kan ik dat geweer op de één of andere manier niet definitief achter slot en grendel krijgen. Nog steeds denk ik bij elke trigger weer: hoe lang blijf ik dit nog doen en waar is de nooduitgang…? Want iedere ruzie of lullige opmerking is wéér een extra stukje afstand en nóg een stapje verwijdering van m’n geliefden. En daar baal ik later natuurlijk weer intens van en neemt enorm schuldgevoel het stokje over van de woede. Dat proces is vermoeiender dan het urenlang wezenloos rondbanjeren in het bos op zoek naar prooi met je geweer kan ik melden.

Dat triggeren zegt me dat er nog íets in mij gefikst moet worden, laat ik daar dan maar de aandacht en ruimte aan gaan geven. Hoe enorm uitzichtloos dat nu ook lijkt.

In de toekomst wil ik dus gaan proberen om zo’n trigger te zien als een cadeautje. Als een kans zeg maar. Om zelf beter te worden, naar een hoger level te tillen en emotioneel enigszins te helen, maar om daarnaast ook nog een liever persoon te zijn voor de mensen dichtbij. Die recht hebben op een fatsoenlijke conversatie in plaats van een eenzijdige scheldparade van mij. Dat triggeren zegt me dat er nog íets in mij gefikst moet worden, laat ik daar dan maar de aandacht en ruimte aan gaan geven. Hoe enorm uitzichtloos dat nu ook lijkt.

Helaas voor mij komen we dan bij het loketje ‘Bewustwording’ terecht. En laat dat nou nét niet mijn sterkste punt zijn. Want hoewel ik echt prima op de hoogte ben van mijn absurde automatische reacties, blijft het proces om die kennis in te zetten en het juiste te kiezen -spoiler alert- een uitdagende. Diep ademhalen en zeggen dat alles goed is zou al helpen. Rustig en kalm de ander bedanken voor zijn of haar feedback zonder er al te veel op in te gaan ook. En in plaats van al het geschreeuw en getier in m’n huishouden zou ik er óók eens voor kunnen kiezen om letterlijk ruimte in m’n hoofd te creëren door even naar buiten te gaan. Ik ga het allemaal maar eens trachten in te zetten. En wellicht moet ik mijn horizon verbreden om de scherpe randjes ietwat van mijn emoties te krijgen. Een Jachtopleiding bijvoorbeeld. Hoewel, de aanwezigheid van een geweer in mijn omgeving is op dit moment níet het meest veilige scenario ben ik bang. Dat worden dus maar talloze baantjes zwemmen in het openluchtbad vrees ik. Of me in een shitload aan werk storten, doet ‘t ook iedere keer aardig. Een oververmoeide Eric is namelijk net iets beter te doen dan een onredelijke Eric. Met fotofinish, dat wel.

Illustraties: Studio Zaterdag

Plaats reactie

Sjieke Spam

Een vorstelijke behandeling krijgen als lezer? Dat kan! Schrijf je in en ontvang direct een mailtje als een nieuwe column het levenslicht heeft gezien...

Koninklijk Archief