Gewoon Gezinnetje.

G

Bijna zes jaar geleden maakte een vrij bijzondere vrouw niet alleen papa’s van mijn geliefde en mezelf, ze zorgde er ook voor dat deze twee jongens ineens een redelijk traditioneel en normaal huishouden vormden. ‘En nu zijn Eric, Silas en Stach een heel gewoon gezinnetje. Nou ja, een beetje anders dan anders, maar wel heel erg gelukkig’ stond er dan ook op het geboortekaartje van onze zoon. Een boodschap nog stééds enorm relevant is, misschien wel meer dan ooit. Want wat de norm is, lijkt dagelijks onder druk te staan.

Je kunt geen nieuwssite openen of krant openslaan zonder dat de gillende koppen je tegemoet denderen: het geweld tegen homo’s neemt toe en sommige politieke kopstukken gaan zelfs zo ver om te stellen dat Nederland onveilig voor de LHBTI’ers zou zijn geworden. Maar hoe schrijnend, hartverscheurend en ontoelaatbaar deze situaties absoluut te boek mogen staan, laten we in onze woede en teleurstelling niet vergeten dat er óók enorm veel succesverhalen zijn. Mannen en vrouwen die zich príma staande weten te houden in de maatschappij en het bewijs vormen dat de norm van wat ‘normaal’ is heus wel begint te verschuiven.

‘Ze willen vast elke dag weten wie het mannetje en wie het vrouwtje in de relatie is? En heeft dat arme kind geen moeder nodig? Wat zielig zeg.’

Want stel je voor dat je het enige homostel bent dat in een piepklein dorpje in de Achterhoek (voor de Randstedelijke lezers: dat ligt vanuit Amsterdam gezien een tikkeltje links van Polen) woont, samen met een prachtige zoon en een modieuze en clichématige labradoodle. Dat moet haast wel voor problemen zorgen toch? Ik hoor het je denken: ‘Die kortzichtige boeren met hun vooringenomen meningen en klassieke rolverdelingen in het huishouden, bah. Die leven nog met álles in de Middeleeuwen, dus zal homo-acceptatie ook niet enorm hoog op het prioriteitenlijstje staan’, bijvoorbeeld. Of: ‘Ze willen vast elke dag weten wie het mannetje en wie het vrouwtje in de relatie is? En heeft dat arme kind geen moeder nodig? Wat zielig zeg.’ Maar ik heb nieuws voor je: dat verloopt dus prima. Perfect eigenlijk, we hebben een pretty good life, ondanks dat we toch the only gays in the village zijn. Oké, samen met een lesbisch koppel met twee kinderen dan. Leven wij ons leven zoals we dat willen? Ja. Heeft iemand daar problemen mee? Misschien, maar merken doen we het niet.

Ik geef eerlijk toe, soms is best lastig om ergens de eerste in te zijn. Natúúrlijk vind ik het vervelend om het zoveelste kinderboekje te lezen waarbij het alleen maar over papa en mama gaat. Of irriteert het me als een wildvreemde aan mijn kind vraagt als ik een bloemetje afreken ‘of ie lief voor mama is’… Maar maak ik me daar echt druk om? Nee, want iemand moet nu eenmaal ergens beginnen. Veel vaker spat ik juist van trots uit elkaar als ik onze zoon hoor praten over zijn vaders, maar ook over zijn moeder en de hele lading aan bonusfamilieleden. Het is zijn doodnormaal allemaal. Zijn norm. En ook weer die van zijn vriendjes en vriendinnetjes op school. Die ie gewoon heeft, want zo ver ik dat als bevooroordeelde ouder kan aanschouwen doet ie het sociaal gezien meer dan príma. En áls me dan al af en toe de gedachte bekruipt dat mensen ons misschien vreemd, anders en raar vinden, dan denk ik gewoon snel hoe blij ik ben dat ons gezin is zoals ie is, wat een wonder het is dat onze zoon er is überhaupt is en dan besef ik me meteen maar weer even hoe bizar veel liefde iemand moet hebben om voor twee andere mensen een baby te willen maken. Niks homohaat of geweld: honderd procent het tegenovergestelde juist.

Laten we vooral onthouden dat homoseksualiteit ‘pas’ dertig jaar geleden werd weggestreept als officiële geestesziekte in het Nederlandse wetboek. En dat we in die jaren echt enorm veel hebben bereikt: van trouwen tot gezinnetjes stichten. Zijn we er dan al? Nee. En is er dan geen werk te verzetten? Tuurlijk nog wel. Een norm is nou eenmaal niet binnen een paar jaar veranderd of verlegd. Het enige wat we denk ik kunnen doen is zoveel mogelijk onszelf proberen te zijn. Het goede voorbeeld geven aan onze kinderen, maar óók aan de haters en de andersdenkenden. Dat mag er namelijk óók gewoon zijn, zo lang we elkaar een beetje in waarde, maar vooral met rust laten. Dan groeit er vanzelf een generatie op met een minder bekrompen gedachtegang en nemen de hatelijkheden heus wel af. En die eerste bouwstenen leggen wij -inclusief de nodige groeipijntjes- nu gewoon zelf. Hoe cool is dat? Ik zou het echt voor geen goud willen missen allemaal.

Illustratie: Studio Zaterdag

2 reacties

De Archiefkast