Drieëndertig.

D

Mijn hele leven lang heb ik iets gehad met het cijfer tweeëndertig. Een soort van gevoel. Een eng gevoel. Niet zoiets van ‘op huisnummer tweeëndertig moet ik ooit nog eens gaan wonen’ of ‘ik moet tweeëndertig dagen op dieet om tweeëndertig kilo af te vallen’. Nee: tweeëndertig zou de leeftijd zijn waarop ik zou sterven. Of nou ja, als ik mijn dromen van vroeger moest geloven althans. Sinds mijn kindertijd droom ik af en toe over de dood. Best freaky, want dan lig ik zelf in de kist, mensen huilen, zeg maar het clichématige beeld zoals begrafenissen zijn. Of een crematie in mijn geval. En het gekke is dus dat ik in die dromen en gedachten altijd tweeëndertig jaar oud was. Echt stil heb ik daar de afgelopen 365 dagen niet bij gestaan, maar zo heel af en toe speelde het toch een klein beetje door mijn hoofd.

Maar… ik ben de dans mooi ontsprongen! Want vandaag heb ik toch maar mooi de astronomische leeftijd van drieëndertig jaar bereikt. Niks kisten of crematies, maar gewoon lekker leven. Een veel beter idee. Mocht ik nu toch binnenkort omvallen, nog steeds heel sneu, maar dan heeft die stomme angstdroom van vroeger toch geen gelijk gekregen. Hoewel zich nu wel een nieuw probleem voordoet: want, waar zal mijn volgende angstdroom over gaan? Omdat de vorige niet meer geldig is, moet daar iets voor in de plaats komen… toch?

Het gekke van ouder worden is dat steeds minder dingen je echt boeien in het leven. Wat mensen van me vinden of mensen over me denken, I really don’t care. Als mijn zoontje op mijn schouder ligt te slapen en ik zijn heerlijke haartjes ruik, dát is pas leven. Er is dan ook steeds meer om voor te leven. Mijn liefje, mijn kleine mannetje dus, mijn carrière, ons fijne huis. Allemaal rijkdom en luxe die je liever ziet komen dan gaan. Maar eigenlijk maakt het niet uit wat het leven voor mij in mijn dromen of in het echt in petto heeft, ik ben er klaar voor. Ik had werkelijk nooit kunnen dromen dat het er anno 2016 op mijn drieëndertigste zou uit zou zien. Getrouwd met de liefde van mijn leven, een prachtige en blije zoon en ik doe dag in dag het uit het werk wat ik als klein Ericje al wilde doen. Ik ben blij dat ik de drieëndertig jaar ondanks mijn demonendromen gehaald heb. En hoop dat ik er minstens nog drieëndertig bij krijg, het liefst nog wel zesenzestig. Of nog meer. Proost!

Plaats reactie

De Archiefkast