Wereld vol Wonderen.

W

Een dagje vrij terwijl de rest van Nederland dat níet heeft. Een studiedag van Het Kind. Een prachtig zonnige dag. En ook nog eens oppas voor de puppy. Dat schrééuwt om een uitje naar een pretpark. Allemaal hartstikke énig natuurlijk, maar met mij in de buurt kan dat nog een behoorlijke opgave worden. Het haasten in de ochtend: probleem. Het aankleden van zoonlief terwijl de hond tegelijkertijd om me heen huppelt: stress. Het niet in complete depressiviteit en paniek raken voordat we überhaubt al zijn vertrokken: de realiteit.

Als we uiteindelijk in de auto zitten is de eerste crisis al overleefd: een zo enorm over de zeik zijnde Eric die liever thuis blijft. Score! Maar als ik de paniek en de stress uit mijn lichaam voel stromen, komt het volgende euvel al weer om de hoek koekeloeren: mijn ultieme negativiteit. Van de mini-file die welgeteld zeven minuten duurt, tot de zogenaamde drukte op de parkeerplaats van de Efteling -waar ons tripje uiteindelijk naartoe gaat- zo’n vijf minuten na openingstijd. Alsof er een duiveltje in mijn hoofd gekropen is die op magische wijze al het licht en zonneschijn uit een prachtige dag probeert te filteren. En er vaak nog in slaagt ook.

Meestal is er geen redden meer aan als het bewuste duiveltje zijn plannen heeft ingezet. Mijn gedachten worden gedurende de dag steeds duisterder en donkerder, tot het licht volledig uitgaat. Als een hulpeloos besje wacht ik dat moment rustig af, om me er vervolgens sneu en zielig kansloos aan toe te geven. Maar vandaag besloot ik het eens anders te doen. Ik was tenslotte in de Efteling, de Wereld van Wonderen. Toch?

Na een ochtend van leplachen, mijn best doen om aan te staan en me niet te irriteren aan werkelijk íedere ziel in het pretpark, ging de knop om. Een noodzakelijke actie, want als ik in de misère zou blijven hangen, kom ik op de meeste dagen niet veel verder dan de keuken en mijn slaapkamer. En wat denk je? Ik had het serieus naar mijn zin vandaag. En niet alleen ik, man en kind klaarden óók helemaal op van een Grinch die niet al ’t plezier wilde stelen. Dáár doe ik het nog voor. Hoewel ik weet dat ik vooral mezelf ermee moet helpen, zijn zij nu mijn prioriteiten.

En tsja, wat krijg je met slechte eigenschappen die al jaren ingebakken zitten en die je probeert te veranderen? Juist: de tegenslag ligt op de loer. De lijn tussen een oprecht blije Eric en een hele slechte acteur die met een tandpastalach doet alsof ie het leuk heeft maar ondertussen zichzelf het liefst in brand zou steken is een dunne. Vaak lukt het me niet, maar dagen zoals deze geven me een beetje hoop. En zijn dankzij die sprookjesachtige Efteling de wonderen de wereld tóch nog niet uit.

Plaats reactie