Papa.

P

Je had zo’n liedje begin jaren negentig. Of eigenlijk werd het voor mij hét liedje. Papa heette het en je kon Sky Radio niet aanzetten of hij kwam voorbij. Geschreven door Stef Bos die tussen Phil Collins en George Michael op de extreme repeat stond bij de radiozender. Inmiddels alweer bijna dertig jaar geleden dat ie uitkwam, maar ik ben het nummer nooit vergeten.

Misschien omdat teksten als ‘Ik heb dezelfde ogen en ik krijg jouw trekken om mijn mond’ en ‘Ik heb dezelfde handen en ik krijg jouw rimpels in mijn huid’ gewoon prachtig zijn geschreven het liedje daarom altijd is blijven hangen. Of eigenlijk denk ik dat het al die jaren vooral in m’n hoofd heeft weten te overleven omdat ik twintig Vaderdagen zonder mijn eigen papa heb doorgebracht. Dan werkt zo’n clichématig nummertje natuurlijk prima voor een emotioneel op slot zittende gast zoals ik. En al die tijd was het vooral een melodramatische versterking van het missen van een speciale band met je vader. Die zou ik namelijk nooit hebben. Want die van mij was weggelopen. Gescheiden van mijn moeder en een nieuw leven begonnen. Boehoe. Ellende. Einde verhaal. Elk jaar maar weer janken bij een stokoud liedje om vervolgens op dezelfde manier door te gaan. Dat idee. Eindexamen, trouwen, zelf vader worden: allemaal zonder mijn vader beleefd. Absoluut geen liedje waard.

Maar raad eens? Het verhaal was uiteindelijk nog níet voorbij. Blijkbaar was er toch een greintje volwassenheid te vinden in mijn verder bovenmatig onverantwoordelijke bestaan: ik heb mijn vader eigenhandig terug mijn leven ingesleept. Met vallen en opstaan en heus niet altijd makkelijk, maar hij is er weer. Of beter nog: wij zijn er weer. We zien elkaar. Praten samen. Creëren een band. En uiteindelijk had die verdomde Stef Bos toch gelijk met zijn liedje. ‘Papa, ik lijk steeds meer op jou’ had niet meer waar kunnen zijn. Het is voor mij namelijk soms lastig om me staande te houden in het gezinsleven. Om een rol aan te nemen die misschien niet helemaal bij me past.

Soms bekruipt het me allemaal nogal en denk ik dat het beter is om óók weg te gaan. Om manlief en zoon niet langer op te zadelen met mijn nukken en tekortkomingen. Maar ja, dan sta ik ’s avonds weer naar onze slapende prins te kijken en dan zit Stef met zijn nummertje wéér in mijn hoofd. ‘Papa, ik houd steeds meer van jou’, hoor ik dan. Dat gaat voor mezelf op, maar hopelijk dan ook voor die kleine muis. Ondanks alles. Ik wil namelijk niet maar dan ook ooit één Vaderdag vrijwillig met hem missen.

1 reactie

  • Wat prachtig geschreven lieverd. Zo fijn dat je een band op kan bouwen met je paps. Nu heb he er tweeZo trots op jou, maar ook op Silas en Stach. Liefs ons❤️❤️