Hell’s Kitchen.

H

Er zijn twee zekerheden als de wekker iedere ochtend weer gaat in Huize De Munck: allereerst is de zon opgekomen, dat is een feit. En als tweede punt heb ik zo’n beetje altijd geen enkele zin om uit bed te komen. Want een ochtendmens ben ik nooit geweest, maar sinds zoonlief in ons leven gekomen is, beschouw ik het ritueel van de vroege uurtjes als onontkoombare en verplichte materie. Een beetje zoals de tandarts eigenlijk: slikken en weer doorgaan. Maar dan dus elke dag.

Het begint eigenlijk al bij de avond -of liever de nacht- ervoor. Terwijl ik in de ochtend zwaar in mineur ben, leef ik in de late uurtjes van een dag compleet op. Zo rond elf uur begint mijn creatieve flow tot een hoogtepunt te komen en die gaat eigenlijk pas liggen als ik mezelf uiteindelijk naar bed heb gesleept. En op dat punt van de nacht geeft mijn iPhone nog een slaaptijd tussen de vier en zes uur aan voordat de wekker gaat. Voor iemand die écht minstens acht uur nodig heeft om te functioneren gaat het daar dus al mis. Duidelijk geval van kan ik zelf aan werken dus.

Als ik vroeger dit soort ochtenden meemaakte was dat totaal geen probleem. Ik accepteerde mijn lot en sleepte me als een zombie door die eerste uurtjes heen. Maar voor Het Kind gaat die vlieger overduidelijk niet op: hij verwacht dat papa Eric vanaf de eerste minuut van het ochtendgloren tot de laatste kus in het klaslokaal voor hem klaarstaat. En die behoefte stopt écht niet bij het smeren van boterhammen en het vullen van zijn broodtrommeltje, nee hoor, ik dien aan te staan. Participeren in het gezinsleven. En tegelijkertijd iedereen nog op tijd klaar te laten zijn ook. De gruwel.

Gelukkig heb ik na talloze ochtenden in  een persoonlijke hel een perfecte modus gevonden: faken tot je erbij neervalt en nadat je de verplichte nummertjes hebt afgewerkt, duik je gewoon je bed weer in voor een ochtendslaapje. Dat doe ik tegenwoordig ook en voel me allereerst zwaar bejaard en kansloos. Maar juist dat lichtpuntje in een stressvolle en drukke ochtend is vaak net dat ene vooruitzicht om genoeg energie voor het opstaan bij elkaar te hebben gesprokkeld. En ik heb op dat moment wel echt behoefte aan een enorme bak slaap. Want is het niet het op tijd klaarstomen van die kleine, dan is het wel mijn constante neplach op het schoolplein opzetten die voor half negen in de ochtend al mijn laatste energie heeft weggevreten. Tegen zoveel negativiteit en woede in mijn hoofd kan zelfs een verse bagel met roomkaas niet op. Een glaasje Baileys zou misschien helpen, maar dan creëer ik weer een heel ánder probleem. Want van opstaan met een kater wil je helemáál dat de morgen nooit meer komt. En zó uitzichtloos is het ook allemaal weer niet. Denk ik.

Plaats reactie