Blue Monday.

B

De meest depressieve dag van het jaar, hij is er weer: Blue Monday. 2020 is nog geen drie weken oud of hét moment om te zwelgen in zelfmedelijden breekt gewoon al aan. Maar ik doe er dit jaar eens niet aan mee, in plaats daarvan focus ik me op het positieve. Op een goede start van het nieuwe jaar en de lichtpuntjes die daar bij lijken te horen. En die positieve vibe deel ik graag, dus daar gaan we:

Men neme een gemiddelde van vijf zakken chips, acht flessen wijn, één enorme tube mayonaise, twee stokbroden en hier en daar nog wat willekeurige snacks en drankjes. Daarmee heb je mijn gemiddelde junkfood- en drankinname per week wel ongeveer op een rijtje. Of nou ja, zoals het vroeger was althans, want ik ben op dieet. Weight Watchers om precies te zijn. Net als Oprah en Miljuschka. Volop aan de punten en daar maak ik dan weer geen punt van. Héérlijk. Alcohol is sowieso uit den boze, waardoor mijn nachten ineens weer aangenaam worden, de ochtenden minder heftig, ik liever kan zijn voor mijn zoon en de rest van de dag ook een stuk beter te pruimen is. Hell yeah. En als ik dan óók nog eens frisser op de beeldbuis verschijn, kan ik eigenlijk niet meer terug. Van harte aan te bevelen dat niet alles in je bek stoppen wat je tegenkomt dus.

Het sporten dan. Ook daar scoorde ik niet enorm hoog in de bewegingsmeter op mijn activiteits-app. Van huis naar de auto lopen, dan naar school of werk rijden en dan weer terug, met heel misschien een tussenstop bij de supermarkt. Met drie keer hardlopen en twee bezoekjes aan de gym per week is ook dát roer volledig om. De gedachtegang daarachter is vrij simpel: als ik mentaal dan in de knoop zit, laat ik me dan fysiek maar geweldig voelen. Ook goed voor het kwakkelende zelfvertrouwen trouwens. En dood willen met een zwoele summerbody is toch al een stuk minder erg.

Al wil ik de laatste tijd eigenlijk niet meer zo graag dood. Ik wil leven. En dat komt toch omdat ik ergens een knopje heb omgezet. En dan niet eentje zoals de lichtschakelaar, maar na heel lang wrikken is ie de goede kant opgeschoten. Voor nu, want ik weet ook dat ie zomaar weer eens terug kan klappen. Maar nu ben ik hier en voel ik me goed. En ergens ben ik ook een beetje verdrietig, in de rouw zeg maar. Want hoe slecht hij misschien voor me was, natúúrlijk had ik een enorme band met de zuipende, vretende en nog meer zuipende Eric. Dat maakte het leven enigszins draaglijker. Dacht ik. Maar nu besef ik me dat een regelmatige ademhaling en een hart dat je bloed weer normaal door je lichaam pompt óók best zijn voordelen heeft. Plus mijn echtgenoot kijkt eindelijk weer een beetje verliefd naar me, dat is me toch echt meer waard.

Maar: ik vergeet jullie niet en drink vanavond een alcoholvrije cocktail op iedereen waar Blue Monday ook echt blue is. Omdat ook ik weet dat het morgen zomaar ineens anders kan zijn. Ik denk aan jullie en probeer het levende bewijs te zijn dat vechten helpt. En dat opgeven eigenlijk nooit een optie is. Zo, dáár eet ik dan ook nog een appel op. Misschien zelfs wel twee.

1 reactie